De Preikestolen

Wij hadden een hond die tijdens de vele wandelingen die wij maakten, de onbedwingbare neiging had de boel bij elkaar te houden. De boel bestond uit drie jeugdige personen, allen voorzien van een hoogtoerig en soepel lopend motortje en twee wat oudere personen die het moesten hebben van een langzaam maar gestaag dokkerend dieseltje. Het jeugdige spul liep, zeker als het bergop ging, vrolijk een stuk sneller omhoog dan de twee dieseltjes en dat zinde de hond niet. Hij spurtte heen en weer tussen de voorgangers en de achterblijvers en hoe groter de onderlinge afstand werd zo veel te meer nam zijn ongerustheid toe. Wanneer de top bereikt was keerde de rust in tweeërlei opzichten in hem weer en dat mocht ook wel daar hij de afstand minstens vijf keer had gelopen.

Ik moet aan hem denken als ik met zoonlief op vakantie ben in Noorwegen. Ik denk dat ik in een vlaag van verstandsverbijstering maar het kan ook een geval van misplaatste overmoed of een categorische ontkenning van klimmende jaren zijn, instem met de beklimming van de Preikestolen. In goed Hollands de Preekstoel. Het is een vlakke, ver uitstekende rots, loodrecht 600 meter boven het water van de Lysefjord.

Wat is nu 600 meter? Op de snelweg is dit de voorlaatste waarschuwing voor de afslag en elke gemiddelde automobilist zal het met mij eens zijn dat die afstand een kippeneindje is. Als ik mij goed herinner staat er voor die wandeling naar boven twee en een half uur. Dat zal dan wel de maximale tijd, inclusief pauzes zijn die men er voor uit trekt. Ik kijk daarom met enige verwondering naar een wat oudere man, nou ja, oké, mijn leeftijd, die met massieve schoenen en uiteraard de bijbehorende rode kousen, rugzak, buik en twee lange prikstokken ook van plan is dat stukje naar boven te lopen. Onvoorbereid op pad gaan is niet verstandig maar je kan ook overdrijven en dit is een duidelijk geval van ‘te’.

Het pad is in het begin redelijk begaanbaar. Het gaat weliswaar behoorlijk stijl omhoog maar hé, wat verwacht je anders? Mijn dieseltje dokkert en gromt en plotseling is er iets met de luchtaanvoer. Het toerental daalt richting stationair en ik laat mij zakken op een boomstam. Het flitsende motortje van zoonlief staat in twijfel te snorren en om te voorkomen dat hij warm loopt zeg ik hem maar vooruit te gaan. Als de lucht/brandstofverhouding van dit dieseltje weer op orde is gaat hij wel weer verder. Dankbaar geeft hij gas en is, bijna huppelend, in korte tijd aan het oog onttrokken. De hond zou nu met hem mee zijn gegaan en ik mis plotseling dit fysieke heen en weer hollende bewijs van er zijn. Terwijl ik wacht tot de luchtinlaat weer normaal doet, passeren de rode kousen en de twee lange prikstokken. Zijn hoofd heeft nu bijna de kleur van de kousen. Ik verwacht dat ook hij spoedig de vlezige onderkant van rug op een gepaste plaats neer zal vlijen.

Na enige tijd sta ik op en vervolg mijn weg. Een klein stukje verder heeft moedertje Natuur met zeer kwistige hand rotsblokken gestrooid en vadertje Tijd heeft nog geen tijd gehad om ze een beetje netjes neer te leggen. Het zijn niet van die blokken waar je overheen stapt of even omheen loopt. Het zijn forse rotsen waar je soms klauterend met handen en voeten overheen moet zien te komen. Dit wordt nog wat voor de rode kousen en de buik die ik inmiddels gepasseerd ben. Waar laat je je stokken als je zo moet klimmen?

Het pad wordt gekenmerkt met een rode T die ogenschijnlijk her en der, lukraak op rotsen en boomstammen is geschilderd. Je wordt dus geacht om naast het klimmen en klauteren, ook nog de route in de gaten te houden. De inspanning begint wederom zijn tol te eisen. Het dieseltje loopt warm en verlangt rust. Gelukkig zit zoonlief op mij te wachten. Of het goed gaat. Ja, het gaat goed. Mooi hè? Ja, mooi. Niet echt een makkelijk pad hè? Nee, niet echt. Sorry maar een warme diesel maakt de spraak wat kort.
Ik merk dat hij zijn bolide al gestart heeft maar hij gaat, ik neem aan uit liefde en bezorgdheid, nog niet verder. Voor zijn motortje op mijn zenuwen gaat werken zeg ik dat hij wel verder mag. Ik kom heus wel. Heb alleen even wat tijd nodig.
Lange prikstokken kan je blijkbaar in elkaar schuiven. Ze steken als twee korte antennes uit de rugzak als de rode kousen mij weer voorbij gaan.

Hoewel het grootste deel van de wandeling bestaat uit het veroveren van rotsen en ontwijken van diepe afgronden zijn ook beter begaanbare stukken. Zo heeft men een lang plankier gelegd over een drassig stuk land. Het gaat dan wel niet omhoog, wat uiteindelijk toch de bedoeling is, maar het geeft een idee dat het wel opschiet. Ik vraag aan dalende bezoekers van de Preekstoel hoe ver het nog is en hoor verontrustende verhalen over een heel stijl stuk, een gedeelte wat vlak lijkt maar vals plat is en dan nog iets over een klein stukje klimmen. Ik probeer de moed er in te houden want als deze in mijn schoenen zakt wordt het vandaag helemaal niks.
De massieve schoenen  met de rode kousen zit langs de kant. Hij is druk met de twee lange prikstokken. Misschien schuiven ze makkelijker in dan uit.

Boven aan het hele steile stuk wat ook nog akelig smal is, zit zoonlief met een glimlach op zijn oude vader te wachten. Ja ja, ik weet het. Dit moet je toch eenmaal in je leven gedaan hebben en we zijn er nu bijna en het is toch een schitterende belevenis en wat een mooie, ruige omgeving en die Noren, die boffen maar met zo’n land. Peptalk. Wat lief! Ja joh, loop maar wat vooruit. Ik zie je vanzelf wel weer. Verdwalen kan je hier niet toch?
Hijgend als een paard sjokken de rode kousen met dito kop mij voorbij. In elke hand een ingeschoven lange prikstok.

Het stuk vals plat geeft ongekende sensaties. Ik blijk veel meer kuitspieren te hebben dan ik dacht. Nu zijn er lichaamsdelen en organen waarvan je weet dat ze er zijn maar die je niet voelt. Op het moment dat je dat wel doet, is het meestal mis. Het duurt dan ook niet lang voor ik mij met een doffe plof voorover op een mooi rond rotsblok vlij. Vlak voor mijn neus is er een grote rode T geschilderd en lijkt het nu maar zo of gaat het echt op een kruis lijken? Een klein stukje verder staat, midden op dat grote valse plat, de rugzak met de rode kousen voorover gebogen. Hij leunt met lange armen op de ingeschoven lange prikstokken. Van een afstandje lijkt hij op een dromedaris met twee protheses als voorpoten. Zoonlief komt terug lopen en de herinnering aan de hond wordt weer levendig. Monter deelt hij mee dat het nog maar een heel klein stukje is. Ik geloof hem op zijn woord en met een, voor mij bovenmenselijke inspanning bereik ik de preekstoel.

Er valt weinig te preken. Voor preken heb je adem nodig en die is er even niet. Als ik, na al die inspanning al adem had, was het nog niet gelukt. Het uitzicht ontneemt alles wat maar een beetje op adem lijkt. Hier past slechts stilte en diepe ver- en bewondering. Op onze buik kruipen we naar de rand en kijken in een peilloze diepte van 600 meter. Eens te meer ervaar ik dat natuur overweldigend kan zijn. Als ik omkijk zie ik de rode kousen ook het plateau betreden. ’t Viel niet mee, collega-klimmer, maar we deden het toch maar.

© peter gortworst / mei 2017
foto’s eigen maaksel

Dit bericht werd geplaatst in korte verhalen en getagged met , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

5 reacties op De Preikestolen

  1. Mies Huibers zegt:

    Schitterend. Wat een heerlijk verhaal, wat een belevenis. Wat moet je er ondanks alle inspanning van genoten hebben. Zoals ik van het lezen genoot. Alsof ik erbij was.

    Liked by 1 persoon

  2. Geweldig dat je dit hebt gedaan met je zoon. Hoe je je gevoeld heb denk ik te begrijpen. Een jaar of 8 geleden ging ik met een single-reis mee. Wandelen in Oostenrijk. Wandelen deed ik veel, maar nooit in de bergen. Eerst met de kabelbaan omhoog en dan nog maar een meter of 800. Tja, daar deden ook wij een uur of 3 over en mijn hoofd was zo rood als een aardbei, mijn hart klopte in mijn hoofd en in mijn keel.

    Liked by 1 persoon

  3. Rob Alberts zegt:

    Ergens las ik dat veel toeristen naar de verkeerde kant van het Fjord afreizen.

    Respect voor jouw klim. Omhoog kom ik niet meer. Vreemd genoeg kan ik wandelend redelijk goed dalen.

    Maar aan jouw huzarenstuk ga ik mij niet wagen.

    Bewonderende groet,

    Liked by 1 persoon

  4. Anoniem zegt:

    Een heerlijk verhaal maar ook een eerlijk verhaal. Als je morgen weer zou gaan gaat het vast gemakkelijker omdat je flink bent afgevallen. Iedere kilo die niet de berg op hoeft, scheelt….😊

    Liked by 1 persoon

  5. Vincent en Rita zegt:

    Hoi Peter, wij gaan het nu ook doen. Grappig om jouw stukje te lezen. Net gearriveerd. Regent helaas wel.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s