Orde, rust en regelmaat -6-

Honden mogen op meer plaatsen niet dan wel los lopen. Op zich een goede zaak. De momenten dat de hond los loopt en het fout gaat, zelfs als je meent je hond onder controle te hebben, zijn legio.

Nu zijn er in Nederland speciale gebieden waar het wel mag en ook kan. Bij hem, net (nou ja…) over de grens, zijn er twee van die mogelijkheden en hij besluit, zeker na de confrontatie met de boswachter, één van die gebieden te bezoeken. Het klopt. Met duidelijke borden staat aangegeven dat het mag maar verstandig lijkt het hem niet. Het is druk. Niet met honden maar met mensen. Nu vindt zijn trutje heel veel dingen leuk maar ze weet net zo veel dingen nog niet. Loslopende mensen zijn voor haar per definitie vreselijke aardige wezens die allemaal leuke woordjes tegen je zeggen, je aaien en vriendelijke klopjes geven en uiteraard beloon je dat door tegen ze op te springen, speels in handen te bijten, aan mouwen en broekspijpen te hangen en schoenveters los te trekken. Hij is het niet met haar eens en zolang er over dit verschil van inzicht geen eenstemmig besluit is gevallen, houdt hij haar aan de lijn.

Gelukkig lopen alle mensen op een kruising rechtdoor en daarom slaat hij rechtsaf. Na een paar honderd meter bereikt hij de bosrand en zie daar: een omheinde speelweide met drie mensen en vier honden. Een golden, een duitse herder, een mechelaar en een onbekende mix van zeker 22 verschillende voorouders. Hij doet het hek open en laat zijn hond los. De anderen hebben haar al gespot en het duurt maar even voordat de vijf honden met elkaar spelen. Hij gaat naar de mensen toe. Een wat ouder echtpaar en een jonge vent. De laatste blijkt de eigenaar van de mechelaar en de mix. Het echtpaar bezit de herder en de golden. Als het mannelijke deel daarvan vraagt hoe oud zijn hond is en wat voor merk, vertelt hij vol trots dat ze drie-en-een-halve maand oud is en een mix van een onbekende dog als vader met een hollandse herder als liefhebbend moeke.

‘Niet raszuiver dus,’ merkt de man op.
‘Nee, maar dat hoeft van mij ook niet. Ik wilde gewoon een leuke hond.’
‘Mijn herder is raszuiver. De vader én de moeder waren kampioen!’
‘In wat?’ wil hij weten.
Blijkbaar is het een stomme vraag. Een beetje bevreemd kijkt de man hem aan en draait zich dan om.
De vrouw probeert het ongemak te herstellen.
‘U heeft toch wel een leuk hondje,’ zegt ze.
Dat is hij natuurlijk met haar eens en met enkele zinnen vertelt hij wat voor dondersteen het af en toe is en hoe blij zij hem maakt. De man loopt een stukje bij hen vandaan en nu vallen hem zijn laarzen op. Dubarry’s. Gemiddelde prijs 380 euri.

Hij kan het niet helpen. Het zit er bij hem van jongs af aan ingebakken en ondanks alle opgedane relativiteitstheorieën en de wetenschap, gelardeerd met enige wijsheid, om niet op voorhand te oordelen, trekt hij toch de conclusie: Snob.

Met een klap valt het hek dicht en doet een nieuwe hond met bijbehorend echtpaar, haar intrede. De herder gaat er als een speer op af en zonder veel plichtplegingen bespringt hij de nieuw aangekomene. Geschreeuw, getrek, hollende Dubarry’s en de herder zit, gelijk het verse ‘me too slachtoffer’ weer aan de riem. Het gezin vertrekt meteen en de man met de herder loopt naar zijn vrouw. En weer kan hij het niet helpen.
‘Dat mijn pup van een paar maanden oud dit nu moet zien! Daar is ze nog lang niet aan toe! Wat moet ze hier nu wel niet van denken?’
Gelukkig. De vrouw lacht. Hij niet.
‘Roep je hond,’ commandeert hij haar, ‘We gaan.’

Zijn hond speelt met de mechelaar. Ze rennen naast elkaar over het veld en de mix hobbelt daar achteraan. Plotseling staan de voorste stil en de achterop komende hond heeft dat niet op tijd door. Ze loopt zijn hond gewoon tegen de vlakte en samen met de mechelaar rent ze een rondje verder. Blijkbaar is zijn hond danig onder de indruk want als ze opgekrabbeld is, rent ze wel achter de andere twee aan maar houdt toch wat meer afstand.
‘Goh,’ meent de jonge vent, ‘Het is nog wel een trutje hoor.’

Een man naar zijn hart.

 

©peter gortworst / jan 2018
foto: Dubarry

 

 

Geplaatst in Orde, rust en regelmaat | Tags: , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Orde, rust en regelmaat -5-

Even voorstellen: van links naar rechts: Kuri !!

 

De ervaren hondenbezitter zal het verschijnsel zonder twijfel herkennen: er zit een wereld van verschil tussen theorie en praktijk. Hoe ondernemender je hond, hoe groter het verschil.

Aan de grootte van het verschil te meten is zijn hond dan ook zééér ondernemend. Als illustratie het ‘Wandelen zonder trekken’. De theorie is dat, zodra de hond aan de riem trekt, je zonder iets te zeggen de andere kant op loopt. Wil de hond links dan ga jij naar rechts. Wil de hond naar rechts, dan ga jij links. Je kan dit combineren met stil gaan staan. Trekt de hond niet meer aan de lijn dan doe je een stap naar voren en wanneer nodig, stop je weer. Deze methode moet, gezien alle YouTube-filmpjes, ervaringen en boekenwijsheden, gewoon werken. De praktijk, althans de praktijk van deze sukkelaar, is heel anders. Zodra hij de deur uitstapt hangt de hond al in de riem. Stilstaan dus. Riem hangt slap, stap naar voren en ziet, soms gaat het zomaar goed. Nooit voor lang. Elke wandeling is het raak en het is maar goed dat men hier niet van die doorzonkamers heeft met grote ramen en geen vitrage want het moet beslist komisch zijn om een vent met stalen smoel heen en weer te zien lopen voor je deur. Toch, en dat moet gezegd worden zit er een langzame verbetering in zolang het wandelen in de hier omliggende straten betreft.
Afgelopen maandag stond er een boswandeling bij Ootmarsum op het programma. Het was koud en er stond een straffe wind maar dat was niet erg. Hoe minder wandelaars in het bos, hoe liever hij het heeft. De hond mag los en elk blaadje wat meegenomen wordt door de wind is spannend, elk takje wordt in de bek genomen en een meter of vijf verder weer losgelaten. De hond houdt hem nauwlettend in de gaten. Je achter een boom verstoppen lukt maar één keer. Wanneer er mensen aankomen roept hij de hond bij zich, lijnt haar aan en plaatst zich, aan de zijkant van het pad, tussen de hond en de voorbijgangers. Brokjes voerend wordt de hond de hemel in geprezen en negen van de tien keer gaat dat goed. De oorzaak dat het die ene keer niet goed gaat ligt niet bij hem of de hond maar bij de voorbijgangers. ‘Ach, wat een lieve hond! Hoe oud istie? Wel een spring in het veld zeker? Daar heb je heel wat mee te stellen. Nou succes er mee hoor!’

Maar afgelopen maandag was die één van de tien keer de boswachter. De opmerking ‘Ook als ik er niet ben moet hij aangelijnd zijn’ liet niets aan duidelijkheid over. En bedankt! Wel eens geprobeerd met een hond die niet aan de lijn mag trekken en het toch doet, twee kilometer door een bos te lopen met verrukkelijke geurtjes, dwarrelende blaadjes en genoeg sprokkelhoutjes om een jaar te kunnen stoken? Het was twee kilometer stoppen, omkeren, terug lopen en brokjes geven als het tien meter goed ging. Toch zal ze het moeten leren wil hij straks, als ze groter geworden is, niet door haar uitgelaten worden.

Zaterdag voor het eerst naar de hondenschool geweest. Spannend! Het trainingsveld was te nat en dus werd er getraind in een grote hal. Daar moesten eerst een paar trekkers uitgereden worden maar daar was de dame niet van onder de indruk. Er waren namelijk veel meer honden en die hadden al haar aandacht. In een helder moment had hij vooraf de beloningsbrokjes (gewoon voer) vervangen door stukjes kaas en worst. Slimme zet want ze lette nu net even meer op hem dan normaal. Benieuwd wat deze scholing op gaat leveren.

Je hond geestelijk vermoeien? Drie blikjes mandarijnen gekocht (heerlijke muesli geeft dat) en gaten in de bodems geprikt. Onder 1 blikje leg je wat lekkers en de hond moet het goede blikje opzoeken met haar neus. Dat ging drie keer goed maar waarom moeilijk doen als het makkelijk kan. De trut maait met haar lompe poot drie blikjes weg en ziet: daar is het lekkers!

Hij is trouwens, in het kader van de socialisatie, op geregelde tijden te vinden bij de ingang van de Marktkauf in Nordhorn. Daar is een bankje waar hij gaat zitten met de hond tussen de benen. Iedereen die langs loopt en waar ze niet op reageert is een brokje. Meestal gaat dat goed maar kinderwagens, kleine kinderen en andere honden zijn nog een te grote verleiding. En dan is er natuurlijk nog die vermaledijde één op de tien die voor haar op de hurken gaat, beslist wilt aaien en het prachtig vindt als ze tegen hen opspringt. En geloof het of niet, het zijn altijd vrouwen! En wat moet je dan? Het hele verhaal gaan vertellen waarom je daar zit? Het leed is toch al geschied. Misschien is de vertaling opzoeken van ‘trut’ een goed idee en het dan maar aan mijn slechte Duits over laten of ik het over mijn trut heb of over die goedbedoelende andere.

 

©peter gortworst / jan. 2018

 

Geplaatst in Orde, rust en regelmaat | Tags: , , , , , , , , | 3 reacties

Orde, rust en regelmaat -4-

Wat hij op nog geen enkele hondenschool heeft gehoord, in geen enkel filmpje heeft gezien en het iemand ooit heeft horen zeggen, is hoe om te gaan met spijt.

De voorlaatste dag van het gedenkwaardige jaar 2017 ging alles fout. Tijdens de ochtendwandeling had de dame netjes geplast. De grotere boodschap bleef echter achterwege maar hij had daar geen aandacht aan gegeven. De natuurlijke gang van zaken loopt immers zoals het loopt en komt het nu niet dan komt het maar later. Dat klopt. Net thuis en als hij zijn boterhammetje staat te smeren, loopt de trut de keuken in. Draait en draalt een beetje om hem heen en hij begint een vermoeden te krijgen. Hij loopt richting kamer en ja, wat onderweg niet kwam is er nu wel. Met een houding van ‘zo erg is het niet’ ruimt hij het op en gaat in keuken verder met waar hij mee bezig was. Als hij bij zijn bureau zit en al mail checkend zijn ontbijtje nuttigt, komt trutje weer aanlopen. Het staartje kwispelt maar een klein beetje en hij weet het al. In de kamer ligt het vloeibare deel van wat blijkbaar nog komen moest.

Wat voor nut heeft een ochtendwandeling? Is het de spieren en de spijsvertering los maken voor de productie elders? Een beetje narrig gaat hij weer aan zijn bureau zitten. In de kamer is de hond druk met een bot. Ineens valt het hem op dat het verdacht stil geworden is. Als hij gaat kijken kwispelt de dame er lustig op los met in haar bek een stuk grijs papier. Waar heeft ze dat nu weer vandaan? Hij bekijkt het en constateert dat het behang is. Ja hoor! Van een baan die kort geleden tegen de muur is geplakt en waar, wegens stopcontacten, rolluikkatrol, uitsparingen en over de hele lengte op maat maken, veel pas en knipwerk aan zat, heeft ze een hele lap losgetrokken. Hij houdt zich even niet in. Met knetterende bewoordingen die beter niet opgeschreven kunnen worden, jaagt hij haar uit zijn buurt.

En daar heeft hij nu spijt van. Gedane zaken nemen geen keer maar hoe maak je het goed bij je hond? Is dit nu een trauma geworden bij haar of valt dit onder haar hoofdstukje ‘ik maak mij daar niet druk over want ik doe het gewoon weer’?

 

Op oudejaarsdag een lange wandeling gemaakt op de Itterbecker heide. Langer dan officieel mag voor een pup maar de bedoeling was haar moe te maken voor het vuurwerk van later die dag. De heide was stil. Dat hoort, volgens een oud Nederlands liedje, de grote stille heide ook te zijn. Er was alleen op de achtergrond een constant rommelend gedreun te horen. In de omliggende dorpen is carbidschieten traditie en het klonk alsof hij in een oorlogsgebied liep met naderend artillerie. Zij trok zich er niets van aan. Ze had alleen maar oog en neus voor alle spannende takjes en losse bladeren.

De bedoeling ging de mist in. Het is net alsof een wandeling de hond meer energie geeft en weer thuis was de kat het haasje. Regelmatig moest hij, als roedelleider, tussenbeide komen. Tot nu toe heeft de kat één keer vol in haar oor gebeten. Ze jankte het uit maar veel heeft ze er niet van geleerd.

 

Het vuurwerk was wel spannend maar ook niet meer dan dat. Met haar oortjes recht omhoog keken we samen naar alle vuurpijlen die de lucht in gingen. Echt spannend was het pas vanmorgen. De wind gierde om het huis en de deur van de kamer stond een beetje te klapperen. Dat was pas eng en natuurlijk aanleiding genoeg om er flink naar te blaffen. Hij heeft de deur helemaal open gezet en met de staart tussen de poten, de oren recht omhoog durfde de dame de kamer te betreden om vervolgens van een andere baan behang een vers stuk van de muur te trekken.

Wel G$#@#$ver^&%#!!!. Trut!!!

 

©peter gortworst / jan. 2018

Geplaatst in Orde, rust en regelmaat | Tags: , , , , , , , | 4 reacties

Orde, rust en regelmaat -3-

 

Ze zijn een week verder en de dingen gaan zoals ze gaan. De hond ontwikkelt zich zoals het hoort en het is de mooiste, liefste en slimste hond van het hele dorp. Natuurlijk is zijn mening enigszins gekleurd als het over de kwaliteiten van zijn beest gaat maar ook uit onverwachte hoek komen er bevestigingen: een dame die als gedragsdeskundige naam heeft gemaakt, noemt het een ‘open’ hond.  Het gastgezin waar dit wonder op vier poten verbleef, heeft volgens haar, goed werk gedaan.

Toch zijn er momenten die hem tot nadenken stemmen. Om een voorbeeld te geven: Het deponeren van vaste en/of vloeibare bestanddelen de dikke darm betreffende, worden nog met een zekere onregelmatigheid, in de woonkamer gedeponeerd. Verschil is nu dat het trutje dit achteraf komt melden. Met een gepaste trots meldt zij zich en neemt hem mee naar de bewuste plaats delict. Moet hij dit nu belonen en hoe krijgt hij haar zo ver dat zij zich meldt voordat deze geurige boodschap haar goddelijke lijf verlaat?

Ter wille van de socialisatie neemt hij haar overal mee naar toe en hoewel hij zelden of nooit met de trein gaat, leek een bezoekje aan het station een verantwoorde onderneming. Toen hij toch in Zwolle moest zijn was een bezoek aan het station aldaar een logische stap. Mis. Je komt er niet meer in zonder een geldige pas of kaartje. Zo gaat dat tegenwoordig. Wist hij veel. Maar goed, er zullen vast nog wel stationnetjes zijn waar je wel gewoon op het perron kan komen dus deze oefening staat nog op de rol.

Nog iets wat hem zorgen baart. Het is lang geleden dat er zo veel vrouwen voor hem bijna op de knieën gaan. (Soms jammer dat die hond er dan tussen zit.) Maar hoe dieper die dames zichzelf of hun knieën buigen, hoe enthousiaster de hond wordt. Ze stuitert werkelijk op en neer en dit gedrag kan en mag niet blijven. Het heeft hem nu al één vergoeding voor een paar panty’s gekost en als dit niet afgeleerd wordt kan het nog een behoorlijke aanslag op zijn kleine vermogen worden. De lijn kort houden is geen optie. De dames komen gewoon dichterbij. Ook ‘nee’ verliest aan kracht. Zo langzamerhand denkt hij werkelijk dat honden mensen zien als wezens die ‘nee’ bezigen zoals wij dat met een koe en ‘boe’ doen. Net als vroeger met de kleine kinderen.

‘Wat doet het hondje?’
‘Waf waf!’
‘En wat doet het schaapje?’
‘Bèèè!’
‘En wat doet pappa?’
‘Blablablabla!’
‘Goed zo! Grote meid!’

Eén lezer had het er al over. De PUPPYSPURT!! Het begint meestal met het lastigvallen van Keizer Kat. Die trekt zich dan terug op zijn troon en uit pure frustratie en waarschijnlijk met een mix van hormonale dingetjes begint de dame rondjes door de woonkamer te rennen. De hele woonkamer wel te verstaan. Rond de eettafel, tussen de fauteuils en via de leuning van de bank en weer terug naar de eettafel. Het enige wat dan een snelle oplossing geeft is het openen van de schuifpui. In de tuin gaat het dan verder en na een paar rondjes is het hele gedoe weer voorbij. Ze ploft op haar plek, kijkt nog even heel alert rond, legt dan haar kop tussen de voorpoten en is voor zeker een uur vertrokken naar dromenland. Als de ontstane chaos in de woonkamer weer op orde is en Keizer Kat het zich behaagt af te dalen, bekijken ze samen even de slapende bruine wervelwind. Het is een trut. Wel een lieve maar toch een trut.

 

©peter gortworst / dec 2017

Geplaatst in Orde, rust en regelmaat | Tags: , , , , , , | 1 reactie

Orde, rust en regelmaat -2-

 

‘Logica.’ Het woord valt hem binnen als hij onder de douche staat. Zojuist heeft het huidige doel van zijn bestaan hem volkomen verrast. Ze durft de trap niet op en hij vindt dat prima. Een hond heeft in slaapkamers niets te zoeken dus toen de hond drie treden de trap omhoog geklommen was en geen stap meer voor- of achterwaarts durfde te zetten, heeft hij haar, met een kleine preek, weer op vaste grond gezet. Dat doet ze vast geen tweede keer. Mis. Terwijl hij wat kleren opruimt en nieuwe uitzoekt om zo aan te trekken, is de dame toch de trap opgeklommen. Hij loopt de badkamer in en ziet nog net dat de trut daar in een houding en vooral met een blik van ‘ik laat het lekker lopen’ op de badmat zit.

Zucht.

Zo stoer als ze omhoog geklommen moet zijn zo angstig, nee schijterig, gaat ze naar beneden. Natuurlijk helpen de mopperende woorden ook niet echt maar wie A zegt en P doet, moet ook maar leren dat B een logisch vervolg is.

Die logica is er overigens niet. De eerste keer dat ze de stofzuiger in werking zag, zat ze, met de oortjes gespitst, vanuit haar bench het ding te bekijken. Ze zei verder geen boe of bah. De volgende dag kwam ze dat ding weer tegen. Het stond geparkeerd in de woonkamer en ze was er al tientallen keren langs gelopen. Plotseling leek zij zich iets te herinneren en durfde ze er tegen te schelden. Vanaf gepaste afstand maar toch, ze durfde het. Logisch? Voor haar misschien wel. Voor hem niet.
Nog een voorbeeld?

Oud en nieuw nadert en uit ervaring weet hij dat deze happening ook hier met wat knalwerk gevierd gaat worden. Ter voorbereiding op dit feit leek het hem een goed idee om een filmpje op YouTube te zoeken met vuurwerkherrie. Die zijn er! Zelfs speciaal voor honden. Hij draait het filmpje af en zet het geluid vol aan. De buren komen de straat op, bellen aan en vragen of het niet wat vroeg is voor dit gedoe. De hond geeft geen krimp. Later die avond neemt hij haar mee naar buiten en weigert ze nog één stap te zetten. De veldkei die de hoek van de straat markeert en daar waarschijnlijk al ligt vanaf het moment dat dit dorp uit het veen getrokken is, blijkt een levensgevaarlijk object te zijn geworden. Waar is hier de logica?

Hij hoort haar piepen. Als hij gaat kijken wat er aan de hand is blijkt de drinkbak onbereikbaar geworden. Die staat in de keuken en o lieve deugd, daar staat ook de stofzuiger.
Zijn hond is gewoon een trutje. Gelukkig wel een lief trutje.

 

©peter gortworst / dec 2017  

 

Geplaatst in Orde, rust en regelmaat | Tags: , , , , , , | Een reactie plaatsen

Maria

 

Het voorjaar loopt ten einde en het is een zonnige, warme morgen als de vrachtwagens het dorpje inrijden. Vrachtwagens met een huif. Twee vrachtwagens met een kanon en één met een kleine bulldozer en andere grote dingen. Mannen, sommigen in uniform, springen uit de wagens met een huif. Ze dragen wapens. Gewone geweren maar ook andere. Een grote man met een grijze baard roept iets en al die mannen gaan in keurige rijtjes staan.

Een paar mensen uit het dorp zijn blijven staan en anderen komen hun armetierige huisjes uit om te kijken. Dan vraagt de grote man iets aan zo’n dorpeling. Die wijst naar de overkant, naar de winkel van de kapper die ook medicijnen, zalfjes en zeep verkoopt en die ook nog de burgemeester van het dorp is. De grote man loopt er heen en het duurt niet lang voordat er een koortsachtig gedoe in het hele dorp uitbreekt. Het zijn soldaten die ons komen verdedigen. Ze hebben voor ons gevochten en nu hebben ze honger, zegt men. Ze willen nu eten.

Het hele dorp is er druk mee maar het gaat de soldaten niet vlug genoeg. Ze gaan zelf de woningen in en nemen alles mee wat ze aan eten en drinken kunnen vinden. Ook het huisje waar Maria met haar vader en moeder woont wordt door twee soldaten doorzocht. Als haar vader protesteert slaat één van de soldaten met zijn geweer tegen het hoofd van haar vader. Die zakt op de grond en gillend en krijsend gaat haar moeder de soldaat te lijf. Ook zij wordt geslagen. De twee soldaten praten even met elkaar en dan grijpt de ene haar bij de arm en trekt haar met zich mee. Als ze buiten zijn klinken er in haar huisje twee geweerschoten. Het geluid herkent ze direct. Ze is vaak met opa mee geweest als hij in de heuvels op hazen en fazanten ging jagen. De realiteit van nu dringt niet tot haar door. Wat valt er te jagen in haar huis?

De soldaat neemt haar mee naar het huis van de burgemeester. Die ligt voor zijn winkel op de grond en een donkere vlek rond zijn hoofd kleurt de straat. Ze begrijpt het niet. Ze begrijpt ook niet waarom de kleren van haar lijf getrokken worden, waarom ze op de toonbank van de winkel wordt gedrukt, waarom de mannen lachen, waarom er even later stekende pijnen door haar onderlijf schieten die zo hevig zijn dat ze het bewustzijn verliest.

 

Waarom hebben ze haar laten leven? Dachten ze dat, toen ze met haar klaar waren, de dood haar wel genadig zou zijn? De herder die vanaf de hoge heuvel alles had zien gebeuren, heeft haar gevonden. Samen met de buurvrouw en haar vriendin die, toen het vreselijke gebeurde, ook niet in het dorp waren, hebben ze haar zo goed en zo kwaad als het ging, verzorgt. In de winkel van de burgemeester was nog genoeg wat ze voor haar konden gebruiken. Het heeft even geduurd voordat ze haar durfden vertellen dat zij nog de enige bewoners van het dorp zijn. De soldaten hebben iedereen vermoord. Met de bulldozer hebben ze in één van de akkertjes een diepe gleuf gegraven en daar iedereen ingegooid. Iedereen dood? Haar vader en moeder? Opa en oma? De oude mannetjes die altijd op het pleintje zaten? De leuke jongen van de bakker? Allemaal?

Het is geen leven wat ze doen. Het is overleven. Het is het verzamelen van wat nog rest en het is proberen na te denken over wat nog kan. Het verdriet is zo massief, zo groot, zo onvoorstelbaar dat het zelfs nu, na een paar maanden nog onbesproken is. Zelfs de naweeën hebben zich nog niet aangediend omdat er van enige verwerking nog geen sprake is. Moeten ze hier blijven? De herder wil niet weg. Zijn vrouw en twee kinderen liggen in die dichtgegooide gleuf en hij wil ze niet alleen laten. De vriendin van de buurvrouw kan ook niet weg. Alles wat zij aan familie had, woonde in dit dorp.  De buurvrouw kan nog ergens anders heen. In een dorp ver weg, woont een zuster van haar en daar zou ze naar toe kunnen maar ook zij gaat niet. Nog niet want ze wil eerst voor haar buurmeisje zorgen. Ze blijkt zwanger te zijn en het is haar taak om voor dit kind te zorgen.

Ze maakt zich zorgen over haar. Het vrolijke kind in haar, is vermoord. Praten doet ze met een enkel woord. Haar bewegingen lijken wel mechanisch en van haar gezicht valt bijna geen emotie af te lezen. Ze is te jong en nog zwak. De buurvrouw weet wat een kind in de buik vraagt van de moeder en ze merkt bijna dagelijks dat het eigenlijk niet gaat. Wat kan ze anders doen dan goed voor haar zorgen en haar vertellen wat er straks, in het nieuwe jaar met haar gaat gebeuren? Maar ze voelt ook de onmacht omdat vertellen niet hetzelfde is als  het echt meemaken. En wat als dat kind geboren is? Ooit zal vertelt moeten worden dat de vader misschien wel die grote man met die grijze baard is of één van die andere onmensen. Het is niet uit liefde verwekt maar uit minachting, misbruik, machtswellust en onmenselijkheid. Ze heeft uitgerekend dat het de vroege lente is als het kind geboren wordt. Misschien dat dit lentekind de moeder wat vreugde gaat bezorgen. Je weet nooit want mensen zitten raar in elkaar.

Het is nacht en in het oude huisje van haar ouders ligt Maria in bed. Buiten is het koud en een stevige wind veroorzaakt geluiden die de troosteloosheid van dit dorpje bevestigen. Ondanks de vele oude dekens waar ze onder ligt, kan ze niet warm worden. Als ze door het kleine raampje kijkt ziet ze de donkere wolken voorbij de volle maan jagen. Sinds de middag heeft ze pijn in haar buik en dat wordt alleen maar erger. Aan het eind van de middag merkte ze dat haar broek nat geworden was. De buurvrouw heeft niets aan haar kunnen merken omdat ze niets laat merken. Als je opgesloten zit in jezelf kan je dat niet meer. Ze weet heel goed dat er met haar iets aan de hand is. Natuurlijk, dat kind in haar buik maar dat andere, dat onbenoembare….. De wetenschap zal er vast een naam voor hebben en misschien zelfs een behandelmethode maar wat heb je daaraan als je in een, door ieder verlaten gehucht van niks woont in de uithoek van een land?

De pijn wordt steeds erger. Het komt met golvende bewegingen en ze weet niets anders te doen dan haar benen te spreiden en toe te geven aan de drang om te persen. Met haar hoofd achterover perst ze en terwijl de maan vervormt tot het gezicht van haar moeder duwt ze met haar laatste krachten het onvolmaakte kind naar buiten. Ze tilt de dekens op en kijkt naar dat wat ze niet wilde. Dan valt ze terug. De maan komt net achter een wolk vandaan en is nu oma geworden. Oma lispelt met haar tandeloze mondje dat ze met haar mee mag. Weer komt ze overeind en als ze de dekens even optilt ruikt ze de zoete geur van haar bloed. Ze valt terug en nu is haar moeder weer de maan. Vlak voor een voortjagende wolk haar bedekt, zegt ook zij dat ze mee mag. ‘Kom,’ zegt ze, ‘Kom bij ons.’ Ze probeert te wachten tot de wolk de maan weer vrijgeeft maar dat lukt niet. Met wijd open ogen zakt ze weg en gaat mee in de genadevolle dood.

 

Ergens in dit land op deze wereld zit een grote man met een grijze baard op de rand van een kinderbed. Hij leest zijn kleindochter een kerstverhaaltje voor. Als het uit is stopt hij haar lekker onder de dekens en geeft een kriebelig kusje op haar voorhoofd. Lieve opa’s doen dat.

 

©peter gortworst / dec. 2017
foto: nl.123rf.com   

 

 

 

 

Geplaatst in korte verhalen | Tags: , , , , , , , , , | 3 reacties

Orde, rust en regelmaat -1-

 

Hij zit op het randje van de bank. Met moeite kan hij zijn ogen open houden. Bovenin zijn hoofd heeft zich een ambachtelijke steenhouwerij gevestigd met een fors aantal medewerkers en die zijn druk doende. Het zou hem niet verbazen als ze alvast zijn naam in mooie witte steen aan het hakken zijn. Zijn lijf protesteert nu al. En dan zit hij alleen nog maar rechtop. De onregelmatige nachten en de ongemakkelijke slaapplaats eisen hun tol. Hij kijkt naar rechts. Op de bank, in een pose die je beslist bevallig kan noemen, ligt de bron van zijn ellende: de pup.

‘Nee hoor,’ had de mevrouw van het gastgezin gezegd, ‘Ze is zo goed als zindelijk. Een enkele keer vergeet ze het omdat ze druk aan het spelen is met de andere honden maar dat is zeldzaam.’

Het klopte niet. Ze zakte spontaan op haar hurken en produceerde met volle overgave de nodige vloeibare en vaste bestanddelen. Zelfs haar bench was niet heilig en dat verbaasde hem nog het meest. Logisch natuurlijk want dit is niet haar huis. Dit had net zo goed het volkspark kunnen zijn. Hier is nog niets ‘eigen’.
Met enige trots constateert hij dat dit probleem nu aardig onder controle is. De bench is nu de plek waar ze haar eten en lekkere dingen krijgt en meer tijd dan drie uur zit er niet tussen in huis en buitenshuis zijn. Hij prijst haar de hemel in wanneer ze buiten haar behoefte doet hoewel dat ’s nachts om drie uur, wel een opgave is. Maar alles beter dan met een zo neutraal mogelijke houding de rotzooi opruimen.

Aan het oorspronkelijke idee was niets mis. Een hond heeft regelmaat nodig in de vorm van drie maal per dag een wandeling, ’s avonds slapen, ’s morgens wakker worden en twee maal per dag een maaltijd. Tussendoor is er ruimte om te spelen, te trainen op gehoorzaamheid, zoekspelletjes en een lekkere knuffelbeurt met de baas. Precies wat de baas ook nodig heeft: orde, rust en regelmaat.

Al geruime tijd voor zijn pensioendatum keek hij op de sites van de verschillende asiels. Genoeg honden naar zijn smaak maar bijna geen enkele hond zonder gebruiksaanwijzing. Ze konden niet bij kleine kinderen, niet bij katten, niet in de auto of niet bij andere honden. Van een aantal was het verleden onbekend omdat ze of uit Spanje of uit Roemenië kwamen en anderen waren te oud. Al snel kwam hij tot de conclusie dat de aanschaf van een pup de beste optie was. Een pup kan je alles nog leren en met het romantische idee dat hij en de pup naar elkaar konden toegroeien, werd aldus besloten.

Met de staart omhoog loopt de kat de kamer in. Het beest was honden gewend maar met zo’n spring in het veld had ook hij niet gerekend. De laatste hond die hij kende was een bedaagde grijsaard die in opperste dienstbaarheid zijn plaats in de mand opgaf als Keizer Kat meende dat de hondenmand zijn rechtmatige plaats was voor de broodnodige rust. Nu probeert hij zich in dit overmatige gedoe van belachelijk enthousiasme staande te houden met opgeven poot en veel geblaas. Toch is het geen haat en nijd tussen die twee. De powernapjes neem je bij voorkeur door heerlijk tegen elkaar aan te liggen.

Het is tijd. Met moeite hijst hij zich omhoog. Trekt zijn jas en schoenen aan en loopt met de hondenriem de kamer in.
‘Kom, we gaan naar buiten. Ga je mee?’
Ze kijkt hem wat lodderig aan en hij ziet haar denken:
‘Ben je wel goed bij je hoofd? Buiten is het een vieze bedoening met papperige natte sneeuw en het regent ook nog!’
Hij schiet in de lach en knuffelt even dat warme, gladde jongehondenlijf.
‘Je bent een trut,’ zegt hij en met het elan van een wilskrachtige baas klikt hij de riem om haar nek.

 

©peter gortworst / dec 2017

Geplaatst in Orde, rust en regelmaat | Tags: , , , , , , , | 5 reacties

Vraag

 

Wat is dat nu voor vraag? Of ik van hem houd? Waarom wil je dat weten? Weet je, het gaat je niets aan en ik zie geen enkele noodzaak om hier een antwoord op te geven. Ik heb er trouwens ook geen zin in.

O, je wilt dat weten voor mijn eigen bestwil?

Laten we het dan eerst maar eens hebben over wat dat houden van is. Is dat iets van altijd bij hem willen zijn? Dat je soms naar hem kan kijken en er spontaan vlinders ontpoppen in je buik? Dat je het beste met hem voor hebt, hem gelukkig wil zien, je zorgen maakt als er met zijn lijf iets aan de hand is of als hij slecht slaapt, ergens over in zit, gestrest is, kwaad of verdrietig? Iets met eerlijkheid, vertrouwen en geborgenheid? Bedoel je dat?

Hm, ik weet dat niet zo zeker. Ik ken hem mijn hele leven al en heb zo veel dingen met hem meegemaakt. Ik voel mij nu net als Golde, de vrouw van Tevje die haar, na 25 jaar getrouwd te zijn, vraagt of zij van hem houdt. Ze zijn niet uit liefde met elkaar getrouwd. Hun ouders hadden dat zo besloten. Dat was de traditie en die is vaak heilig. Ze zouden gaandeweg wel van elkaar gaan leren houden. Golde kijkt terug op haar leven met Tevje. Ze somt alles op wat zij met hem beleefd heeft. Zijn kinderen gebaard en opgevoed, zijn koe gemolken, het huis elke dag schoongemaakt, kleren gewassen, eten gekookt, met hem gevochten voor een bestaan en honger geleden. Haar bed is het zijne en als dat alles, na 25 jaar, geen houden van is, wat is het dan? Zij komen tot de conclusie dat ze van elkaar houden maar of ik dat ook kan zeggen?

Weet je, en sorry dat ik het zo zeggen moet, het soms gewoon een stomme lul. Een lamlendige sukkel. Een lompe boer die op de meest delicate momenten de onhandigste opmerkingen kan maken, die problemen weg lacht of er voor wegloopt, die fantastisch kan liegen, die mensen beschadigd heeft of ze als een object behandeld.

Maar ja, als ik eerlijk moet zijn, hij heeft ook een andere kant. Er zijn mensen die hem op handen dragen, er zijn er een paar die hem hun leven lang dankbaar zijn. Hij heeft geduld, is plezierig in de omgang, kan goed luisteren en soms zelfs slim uit de hoek komen. Hij is gul, niet kwaad dragend maar soms ook zo vreselijk naïef dat het bijna domheid lijkt. Weet je wat mij nog het meest verwondert? Soms is er iemand die verliefd op hem wordt! Kan jij je dat voorstellen? Zeg nou eens eerlijk: waarschijnlijk vond alleen zijn moeder hem de mooiste toen hij er net was maar verder….. Soms zou ik wel willen dat hij wat doortastender is, wat strenger voor zichzelf maar ook dat het geluk een beetje zijn kant op komt. Dat zou een hoop schelen.

Tja, ik zit met hem opgescheept. Het is niet anders. Er is gewoon weinig keus. Het is dat het een onverbeterlijke optimist is, gezegend met een flinke dosis humor en dat doet toch een hoop. Dat accepteren van de situatie en het hopen op betere tijden werkt wel maar is dat genoeg?
Goed, om even op je vraag terug te komen: houd ik van hem?

Wat een rotstreek om nu met een spiegel te komen. Ik wist wel dat er wat achter stak!

………..Ja, ik kijk heus wel.

Mm….. ik denk dat ik hem wel mag. Nee, meer niet. Sorry, maar daar moet je het voorlopig mee doen.

 

© peter gortworst / okt 2017

 

 

Geplaatst in korte verhalen | Tags: , , , , | 3 reacties

Cecilia

 

Alleen thuis. Zijn vrouw een weekend weg en de kat buiten. Met zijn huwelijk is niets mis maar naar dit weekend heeft hij toch echt uitgekeken. De werkjes in huis die hij zou doen, zijn gedaan. Hij heeft zichzelf getrakteerd op een pizza met ansjovis, tonijn, ui en olijven en in de koelkast ligt een speciaal biertje. De kat is uit voorzorg buiten de deur gezet. Het beest kan er niet tegen als hij fluit en ook harde muziek kan, afgaande op het gedrag, ook mijnheer zijn goedkeuring niet wegdragen. De muziek die hij nu wil gaan beluisteren komt, volgens sommige mensen, dicht in de buurt van wat een kat normaal als geluid produceert.

Zijn muziekvoorkeur spreekt niet alle mensen aan en soms heeft dat vervelende gevolgen. De keer dat hij door zijn chef gebeld werd terwijl Kathleen Ferrier op de achtergrond te horen was, staat hem nog helder voor de geest.

‘Wat hoor ik nou voor herrie?’
‘Dat is geen herrie. Dat is Kathleen Ferrier. Een Engelse vrouw met een mooie alt.’
‘Een wat? Een alt?’
‘Ja, dat is een lage vrouwenstem.’
‘En jij luistert daar naar? Vind je dat mooi of zo?’
‘Ik vind dat mooi, ja. Jij houdt misschien meer van hoempapa of house. Misschien wel van Niek en Simon of Borsato. Dat moet je zelf weten. Ik vind dit mooi.’

Hij is er nog weken mee gepest en het heeft hem geleerd dat hij zich beter op de vlakte kan houden als iemand hem vraagt welke muziek hij mooi vindt.

YouTube is een onuitputtelijke bron van mooie muziek. Hij begint met stukken uit de Krönungsmesse van Mozart. Die heeft hij samen met het koor nog gezongen. Van sommige delen weet hij de basstem nog en zingt deze zachtjes mee. Dan schiet hem het Requiem te binnen. Daar weet hij vast meer stukken van omdat deze nog maar kort geleden op hun programma stond. Het klopt. Het Lagrimosa zingt hij helemaal mee en hij speelt het filmpje drie keer af.

Het speciale biertje wordt uit de koelkast gehaald en van Mozart gaat hij naar Rutter. Van Rutter naar Elgar naar opnames van The Last Night Of The Proms naar Bryn Terfel om te eindigen met een duo van Bryn met Cecilia Bartoli.  Deze zangeres bewondert hij al vele jaren en het valt niet te ontkennen: hij is er zelfs verliefd op. Die sprekende ogen, dat mooie lange haar, die levenslustige uitstraling en die stem, vooral die mooie, warme stem met dat grote bereik.
De eerste keer dat hij haar zag was bij een vriendin thuis.  Hij was spontaan voor haar gevallen. Niet op de vriendin maar op Cecilia en nu speelt hij het ene filmpje na het ander af. De bekende maar ook de onbekende stukken. Eén van die onbekende heet ‘Amore e morte’ en is van Donizetti. Gefascineerd luistert en kijk hij. Ze heeft haar ogen gesloten en volgens hem zingt ze vanuit haar tenen en met haar hart. Zangers van dit niveau hoeven zich niet meer druk te maken over hun techniek. Het articuleren, de ademsteun, wanneer er forte of piano gezongen moet worden is voor hen gesneden koek. De momenten waar hij nog regelmatig met zijn zangkunsten de fout in gaat, is voor haar een al lang geleden gepasseerd station. Zij kan zich inleven in het lied, zich afsluiten voor alles en iedereen rond om haar en werkelijk voelen wat de componist of de schrijver tot uitdrukking willen brengen. Hij ziet het voor zijn ogen gebeuren. Het gevoel komt naadloos over en hij luistert met ingehouden adem.
Dan is het lied uit en is daar de allerlaatste seconde van het filmpje. In die ene seconde ziet hij haar terugkeren op aarde. Het lijkt alsof ze even slikt en de spanning en misschien ook wel de pijn en het verdriet die op haar gezicht staat, vloeit in die ene tel weg. Het ontroert hem zo dat hij het filmpje telkens herhaalt. Hij wil weten wat ze zingt en als hij de tekst gevonden heeft, wordt het lied alleen maar mooier. Hij speelt het keer op keer af en elke keer ontroert hem die laatste seconde. Het grijpt hem zelfs zo aan dat de tranen hem over de wangen lopen.

De trillende telefoon op het bureau verpest het moment.
‘Ja, met mij,’ hoort hij zijn vrouw zeggen.
‘Hoi. Is er iets?’
Hij kan het niet helpen. Er klinkt een snik in zijn stem en zij hoort het ook.
‘Huil je?’
‘Nee, het gaat wel goed. Er is niks.’
Het is even stil aan de andere kant.
‘O, zeg luister even. Ik heb een was in de droger gedaan en die moet er nog uitgehaald worden. Was ik je vergeten te zeggen. Spreid het maar een beetje uit over de strijkplank.’
‘Oke…’
‘Maak je het niet te laat?’
‘Nee, ik ga zo naar bed.’
‘Wat heb je gedaan vanavond?’
‘Naar Cecilia gekeken en geluisterd.’
‘Wie?’
‘Cecilia Bartoli. Een Italiaanse zangeres. Ze zingt Mozart, Vivaldi, Donizetti en zo….’
‘O……… Nou, welterusten voor straks.’

Hij drukt haar weg en start het filmpje weer en weer maar de betovering is weg. Het speciale biertje is hij vergeten en als hij alsnog een slok neemt is het lauw en smaakt het naar iets wat te maken heeft met het beest wat buiten is gezet. Met tegenzin staat hij op, sluit de computer af en vouwt de was uit de droger over de strijkplank.
Als hij alleen zijn bed in stapt, ligt Cecilia in die prachtige donkerrode jurk naast hem. Hij streelt haar lange donkere haar en kijkt, smoorverliefd, diep in haar mooie donkere ogen. Hij wil wat zeggen maar ze legt een vinger op zijn mond en zingt Amore e morte voor hem alleen.

 

© peter gortworst / okt. 2017
afb: pinterest.com

 

Geplaatst in korte verhalen | Tags: , , , , , , , , , | 1 reactie

Zwart strandje

 

 

De zon zorgt voor een behaaglijke temperatuur, de zee ruist lieflijk en het uitzicht over de zee met de uitlopers van de bergen is als een ansichtkaart, het terras is gevuld met rustige, beschaafde mensen en het biertje is koud en lekker.

Het tafeltje rechts vooraan wordt verlaten en alsof ze er op gewacht hebben strijkt daar een echtpaar op leeftijd neer. Dat het toeristen zijn valt met geen mogelijkheid te ontkennen. Hun leeftijd? Ik schat 60+. Hij met een buik die voor een deel onbeschaamd onder zijn T-shirt vandaan komt. Een korte broek, roze dunne beentjes en, hoe kan het ook anders, sokken met sandalen. Op zijn hoofd een zomers hoedje wat wellicht alleen gedragen wordt tijdens de vakantie.
Zij heeft een jurk aan met veel blauw en dit kledingstuk kan slecht de omvang van haar lichaam verhullen. Ze zet de zonnebril bovenop haar hoofd en begint het achtergebleven vaatwerk op te stapelen. Met een ongebruikt servetje veegt ze het tafeltje schoon en als de arbeid gedaan is vouwt ze haar handen op haar buik en wordt gewacht op de bediening.
De kaart wordt gebracht en het bestuderen van het aanbod vergt enig overleg en tijd. Als ze er uit zijn, gaat de hand omhoog en de aangesnelde ober noteert. Ze wachten. Zij kijkt naar rechts en hij kijkt naar links. Zij kijkt naar de zee, de mensen op het terras, de mensen op het andere terras, de gevel, haar voeten, zijn buik, de tegels van het terras, de lucht en weer de zee. Hij kijkt alleen maar naar het kleine zwarte strandje dat verborgen ligt achter zijn omvangrijke vrouw. Dan schuift hij zijn stoel een klein beetje op.

Het bestelde wordt gebracht en zij schuift haar stoel wat meer aan tafel. Hij niet. Ze eten en drinken. Zij praat en wijst naar de zee. Of hij wil of niet, hij moet wel kijken en doet dat met bijna zichtbare tegenzin. Zodra het niet meer hoeft, is al zijn aandacht weer gericht op het strandje.

Is het intuïtie? Is het ‘ik ken hem langer dan vandaag’?

Ze draait zich om en het is haar duidelijk waarom de stoel iets is verschoven en zijn blik gefixeerd op het strandje. Twee jonge vrouwen, een huid als koffie met een klein beetje melk en een, ik kan niet anders zeggen, goddelijk figuur, zitten daar op hun handdoeken, topless met elkaar te kletsen.

Haar reactie is daadkrachtig. Ze wisselt de borden en glazen om, gaat staan en met gebaren die geen enkele interpretatie toestaan, wordt er dodelijk zwijgend van plaats gewisseld.

Het bord is leeg. Hij kijkt naar de zee, de mensen op het terras, de mensen op het andere terras, de gevel, zijn voeten, haar buik, de tegels op het terras, de lucht en weer de zee.

Ook mooi maar het haalt het niet bij dat zwarte strandje wat nu letterlijk achter hem ligt.

 

©peter gortworst / sept. 2017

 

 

Geplaatst in korte verhalen | Tags: , , , , , | 3 reacties