Ekster en de domheid -2-

Er zijn een aantal jaren voorbij gegaan in het bos. Ekster is niet meer gezien en dus zijn de leefomstandigheden niet zoals ze eens waren. Opvallend hoe snel men went aan goede tijden en hoe slecht men aarden kan als het eens iets minder gaat. Dat heeft slechts zijdelings iets van doen met de komst van de Alpenkraaien. Natuurlijk, er was wel wat gewenning nodig van beide kanten maar toegegeven, het is ze gelukt om in goede harmonie naast elkaar te wonen. Niet met elkaar. Dat is nog te veel gevraagd voor de meesten. Toen er eens een jonge blom van de Bonte Kraaien het aanlegde met zo’n roodgesnavelde Alpenkraai spraken de meesten er schande van. Hoewel de Bonte Kraaien het met hun partnerkeuze niet zo nauw nemen, ging zelfs hun dit te ver. Het zijn toch buitenlanders met een heel andere cultuur. Toen bleek dat de kuikens van dit vreemde stel roze snavels hadden die notabene fier rechtop stonden en er een opvallend verwijfd bont kraagje in de nek zat, was het bos te klein en in een donkere nacht is het gezinnetje met onbestemde bestemming vertrokken. Er wordt gefluisterd dat ze in een ver land bij Paradijsvogel zijn ingetrokken maar niemand die dat zeker weet.

Vlaamse Gaai had er natuurlijk zijn mening over klaar maar zijn volgelingen zijn niet meer zo talrijk. Helaas is het aantal omgekeerd evenredig aan het fanatisme. Menigeen stoort zich zo langzamerhand aan hem maar wat moet je? Hij is er nu eenmaal en er valt met hem en zijn kornuiten best te leven als je hun geringe aantal in gedachten houdt. Bovendien kom je met negeren en doen alsof ze er niet toe doen, een heel eind.

Nee, het gaat gewoon iets minder in het bos omdat iedereen het gevoel heeft te moeten overleven. Er is te veel dreiging van buiten, steeds meer familieleden voelen zich niet meer veilig, er vinden opvallend vaak lelijke ongelukken plaats en, niet geheel onbelangrijk voor vogels in het algemeen, lijkt het wel steeds vaker en steeds harder te waaien. Vlaamse Gaai meent dat het komt doordat ze met teveel zijn. Hij wijst zijn toehoorders er op dat ze zelf de wind maken door even met zijn vleugels te wapperen. Een paar losse blaadje dwarrelden op en alsof ze het nog nooit zelf hebben ontdekt joelen zijn toehoorders bij het zien van deze natuurkundige logica. “Hier in ons eigen bos ging dat nog. Maar sinds die Alpenkraaien er zijn is het alleen maar erger geworden. We zijn hier al met te veel en die stormen betekenen dat er in landen, hier niet zo heel ver vandaan, miljoenen zijn die ook fladderen en daarmee ons de stormen leveren. Wat denken jullie als al die fladderaars hier naar toe komen? Er blijft geen boom overeind staan!”, betoogt hij. Menigeen vindt dat onzin maar ja, er zit ook wel iets in en je weet niet zeker of er toch niet iets van waar kan zijn.

Wat node gemist wordt is visie. Niemand weet wat er met de samenleving van deze familie Kraai moet gebeuren. Niet op korte termijn en al helemaal niet op lange termijn. De zorgen van alledag kosten zoveel energie dat het nadenken over een langetermijnvisie wel twee bruggen te ver is. Eén van de oude Roeken, die de tijd nog heeft meegemaakt dat het bos in opbouw was, is met Raaf gaan praten. Die heeft net zijn Eksternest verkocht.

Hij had het nest van Ekster gekregen maar het is hem te bewerkelijk. Het dak boven zijn nest is vervallen en omdat hij geen ervaring met daken boven nesten heeft was hij blij het te kunnen verkopen aan een gezinnetje van de Alpenkraaien. Die kunnen het makkelijk betalen. Zij verdienen goed met het verkopen van lekkere hapjes uit zuidelijke streken. Zij slijten hun waren op plaatsen waar men zich verpoost. Het is even wennen voor de traditionele eters maar zoals zo vaak neemt de jeugd het voortouw en nu hoort het lekkers er helemaal bij. Het is zelfs zo gewoon geworden dat een avondje stappen niet af is zonder een zuidelijk hapje halen bij de Alpenkraai.

Roek en Raaf spreken lang en vaak met elkaar. Uiteraard in het geheim want de takken hebben oren. Soms, als het echt lastig en moeilijk wordt, komt Ekster er bij zitten en samen ontwikkelen ze een langetermijnvisie. Het moet een duidelijk verhaal worden. Het moet aanwijsbaar voordeel hebben voor iedereen. Niemand mag er op achteruit gaan maar al pratend en nadenkend komen ze tot de conclusie dat niet alleen de visie een lange termijn kent maar dat ook de voordelen pas na lange tijd zichtbaar zullen worden. Ze ontkomen niet aan de woorden ‘zuur’ en ‘zoet’. Alles hangt af van de presentatie. Hoe kan je de anderen overtuigen van jouw visie. Wat zeg je wel, wat zeg je niet en welke woorden kies je en niet geheel onbelangrijk, wie gaat dat doen? Ekster ziet het niet zitten. Hij blijft liever uit het zicht maar wil wel, wanneer nodig, zijn raad geven. Door zijn connecties met de mensenwereld is hij daar uitermate geschikt voor. Raaf kan het niet. Zijn positie moet onafhankelijkheid blijven uitstralen dus beiden kijken naar Roek. Die grapt dat ze van nature al de broek aanhebben en als ze uitgelachen zijn komt hij op de proppen met een jonge neef. Welbespraakt, vrijgezel en een innemende persoonlijkheid met een aanstekelijke lach die in deze sombere tijden goed van pas kan komen. Nog even komt de vraag op tafel of ze Vlaamse Gaai vooraf zullen vertellen wat de plannen zijn maar na ampel beraad vinden ze dat niet nodig.

De vergadering wordt matig bezocht. Het lijkt wel of men er niet meer zo in gelooft. De aankondiging was wervend genoeg maar ook hier eisen de dagelijkse zorgen hun tol. “Ze doen maar. Ze hebben toch geen oog meer voor de gewone Kraai”, hoor je vaak zeggen. Vlaamse Gaai met zijn kornuiten de Kauwtjes zijn er natuurlijk wel. Demonstratief zijn zij helemaal rechts, daar waar de distelstruiken beginnen, gaan zitten. Zo kunnen ze alles goed overzien en zitten ze niet onopgemerkt tussen al die anderen. Een beetje apartheid kan geen kwaad toch?

Raaf heet iedereen hartelijk welkom op deze belangrijke vergadering en geeft graag het woord aan Neef Roek. De Kauwtjes en Vlaamse Gaai kijken elkaar aan. Wat moet Neef Roek daar? Wie denkt hij wel dat hij is? En net als Vlaamse Gaai het hoogste woord wil gaan voeren over deze nepvergadering landt er een vreemde vogel precies op het kleine stukje gras tussen Vlaamse Gaai en Neef Roek. Zwaar hijgend blijft de vreemde vogel doodstil zitten. Een paar Kauwtjes gaan beschermend om Vlaamse Gaai zitten en niet zonder reden. Die vreemde vogel is gemaskerd. Hij is grijs en wit met hier en daar wat zwart maar dat masker en die donkere ogen maken hem verdacht. Wie is dit? Waar komt hij zo plotseling vandaan en waarom is hij hier? Twee Zwarte Kraaien lopen voorzichtig naar deze vreemdeling toe. Die opent zijn ogen en glimlacht even voorzichtig. “We hebben het gehaald,” zegt hij dan nauwelijks hoorbaar. De Zwarte Kraaien kijken elkaar verbaasd aan en vragen dan: “Wie hebben wat gehaald?” maar voordat de vreemdeling kan antwoorden valt het antwoord al letterlijk uit de lucht. Een grote zwerm van diezelfde vreemdelingen landt op het grasveldje en in de omliggende bomen. Allemaal grijswit, allemaal gemaskerd en allemaal uitgeput. “Het bos! Het bos is gehaald. We moesten vluchten”, zegt de vreemdeling tegen de Zwarte Kraaien, “ons land staat in brand en daar is niets meer. Geen bomen, geen eten, niets! Alles is weg! Maar sta mij toe mij even voor te stellen. Ik ben Klapekster, aangenaam kennis met u te maken.”

Raaf en Neef Roek kijken elkaar aan. Een half woord is hier genoeg. Dit zijn geen boeven. Dit zijn stakkers die verzorgd moeten worden en wel snel. De vergadering kan wel wachten en met een zelden vertoonde kordaatheid worden bed, bad en brood geregeld. Alleen Vlaamse Gaai onttrekt zich aan het ledigen van de nood. Hij heeft zich met zijn kornuiten teruggetrokken en beraadt zich.

 

©peter gortworst / nov 2015

foto’s: http://www.pbase.com / http://www.ilovenoord.nl / http://www.natuurinbeeld.net / http://www.vogelsindekempen.nl

…als je het de moeite waard vindt om dit verhaaltje te delen, ga er dan maar van uit dat ik daar geen moeite mee heb….

 

Dit bericht werd geplaatst in korte verhalen en getagged met , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

3 reacties op Ekster en de domheid -2-

  1. Rob Alberts zegt:

    Inderdaad met het juiste oog zijn er teveel rare vogels om ons heen te ontdekken.
    Toch houd ik vooral van de vrije vogels in mijn tuin.
    Of dit nu standvogels of voorbij komende trekvogels zijn.

    Vogelvriendelijke groet,

    Liked by 1 persoon

  2. Mies Huibers zegt:

    Heel mooi vervolg weer. Het blijft heerlijk om je stukken te lezen.

    Liked by 1 persoon

  3. Mooi vervolg, Peter! Stemt tot nadenken…..

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s