Kinderogen

Het einde van het jaar nadert. Velen zoeken de gezelligheid en de sfeer in het centrum van de stad. Om in de juiste stemming te komen is consumeren van bratwurst en glühwein en het slenteren langs de kraampjes met kilo’s zoetigheid, noten en zoute pretzels, schijnbaar het beste medicijn.

Het is zo druk dat zelfs het, bij weinig mensen bekende parkeerterrein achter de kerk, vol staat. Op zoek naar een andere parkeerplek kom ik langs het verzorgingshuis waar mijn oude buurvrouw woont. In een vlaag van goede wil en mooie gedachten besluit ik haar een bezoek te brengen. De ervaring heeft mij geleerd dat bewoners van dit soort instellingen regelmatig intern verhuizen en ik meld mij daarom bij de receptie. Daar word ik verwezen naar de gesloten afdeling. Dit belooft niet veel goeds.

Ze is tot in de wijde omgeving bekend. Wanneer men vraagt waar je woont, zijn de woorden “Het huis naast Johanna Berendzen” genoeg. Dankzij een zeer arbeidzaam leven kent ze en wordt ze gekend door veel mensen. Ze is al 84 als ik haar buurman wordt. Ze staat altijd vroeg op en is druk met haar immense tuin, haar huis, de kerk, het bezoeken en rijden van vriendinnen met haar auto en het in de gaten houden van alle mensen in de straat. Als ik, uit overwegingen van privacy, drie meter schutting tussen mijn en haar erf zet zijn de klachten die de verschillende buren over mij te horen krijgen, niet van de lucht. Ze kan niets meer zien.

Het is een vrouw met eigenaardigheden. Daar zijn inderdaad aardige bij maar ook een paar mindere. Discussies gaat ze niet aan. Takken van een boom die over haar tuin groeien, moeten weg evenals een klimop die haar garagedeur belaagd. Hulp bij kleine technische gebreken in en om het huis wordt als vanzelfsprekend ervaren. De mol die het waagt haar gazon te ondergraven komt natuurlijk uit mijn tuin en ik heb er maar voor te zorgen dat het opgelost wordt. Onkruid wat aan de rand van haar tuin groeit, komt ook bij mij vandaan en het uitgetrokken groen gooit ze zonder schaamte over het hekje. Katten worden met alles wat voorhanden is bekogeld en elke hondendrol op straat komt uit mijn hond. Dat het beest uit pure aangeboren discretie gewoon is om alleen maar in de dekking van struiken zijn behoefte te doen, is baarlijke onzin en wordt dus niet geloofd. Ik maak mij hier niet al te druk om. Een rug met tefalbekleding doet wonderen.

Soms spreekt ze over haar dochter, schoonzoon en kleinkinderen. Heel af en toe komen die ook bij haar op bezoek. Groot is de schrik als ze vertelt dat haar schoonzoon aan een hartfalen is overleden en groot de verbazing over de manier waarop ze het meedeelt: emotieloos, koud bijna. Dat is een klein jaar later iets anders. Haar dochter, alleen thuis, is onwel geworden. Ze valt door de ruit van een tussendeur en bloedt letterlijk leeg. Ze staat heel even te huilen.

Natúúrlijk was dat maar heel even. In haar lange leven heeft ze al zoveel gehuild. Haar dochter was van een man die niemand kende. Niemand, behalve Johanna en haar ouders, heeft ooit geweten wie de vader van haar dochter was. Johanna’s vader had beslist dat het kind niet in zijn huis kwam. Hij was een vooraanstaand man met tal van maarschappelijke en kerkelijke functies. In die jaren en in dit land van orde en netheid was dat onbestaanbaar. En wat moest Johanna? Ze had geen geld en waar moest ze heen als jonge ongehuwde moeder? Het kind werd bij een pleeggezin ondergebracht en sporadisch kon en mocht Johanna haar dochter zien. Johanna is gaan werken. Veel en hard. Talloos moeten de avonden en nachten zijn geweest waarin ze alleen met zichzelf was. Onnoembaar het aantal tranen die gevloeid moeten zijn. Ze is altijd alleen gebleven. In weerwil van alles trots, sterk en onverzettelijk maar de relatie met haar dochter was altijd moeizaam.

Als bij een krachtmens de ontreddering, de zwakheid en hulpeloosheid dat iets als dementie met zich meedraagt, toeslaat, is dat fysiek zichtbaar. De statige, trotse, sterke Johanna is verschrompeld tot een zielig hoopje mens in een rolstoel. Voorovergebogen, haar kin op de borst en met haar handen in haar schoot, zit ze in een hoekje van de recreatiezaal. Ik pak een stoel en ga schuin tegenover haar zitten. Dan leg ik mijn hand op haar schouder. “Dag Johanna”, zeg ik. Ze schrikt een beetje en kijkt voor het eerst op. Ik kijk in de oude ogen van een kind.

Ik noem mijn naam maar ze herkent mij niet. Bijna plichtmatig grijnst ze even en zakt dan weer met haar hoofd naar beneden. Ik probeer contact met haar te krijgen maar dat lukt niet. Blijven heeft geen zin. Ik ga staan, aai even over haar kromme rug en hoop dat ze geestelijk terug is naar de tijd dat alles nog goed was. De tijd van geliefd zijn, zorgeloosheid, zonneschijn en speelsheid. De tijd van dromen over een mooie toekomst en een wereld die aan je voeten ligt. “Dag meisje”, zeg ik maar ze reageert niet.

 

© peter gortworst / jan. 2015

foto’s: http://www.ticketspy.nl / http://www.godschrift.nl

…als je het de moeite waard vindt om dit verhaaltje te delen, ga er dan maar van uit dat ik daar geen moeite mee heb…

 

 

Dit bericht werd geplaatst in eerder en getagged met , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

9 reacties op Kinderogen

  1. Dementie, een uiterst trieste en mensonterende ziekte. De bewoners die ik verzorg op mijn werk ken ik niet anders dan zo. Uit verhalen en uit hun dossier weet ik dat ze een ander leven achter de rug hebben. Sommigen kunnen enorm lelijk doen tegen ons, maar ook tegen hun eigen kinderen. Een dochter van één van hen zei eens: “Ik voel met toch zo ontzettend niet welkom bij mijn moeder”. En toch komt ze regelmatig, want het blijft toch altijd haar moeder.

    Liked by 1 persoon

    • Ik ken de opmerkingen Wilma. “Het is niet de man of vrouw meer die ik getrouwd heb” Ik heb diep respect voor al die mensen die wel, ondanks alles, op bezoek blijven komen. Het blijft je man, je vader of je moeder maar breng het maar eens op als je een onbekende, niet welkome vreemdeling geworden bent.

      Like

  2. Heel ontroerend, dit stukje. Wat een verdriet kan een mens toch meemaken in het leven he. En dan ook nog eens tot het bittere eind. Wreed.

    Liked by 1 persoon

  3. Wat heb je het verhaal van Johanna mooi opgeschreven. Geen makkelijk leven heeft ze gehad…

    Liked by 1 persoon

  4. jjmharmsen zegt:

    ……in de oude ogen van een kind….. wat een prachtige zin en wat ligt daar veel in besloten.

    Liked by 1 persoon

  5. beaunino zegt:

    Je hebt me geraakt.
    De triestheid in het bestaan zichtbaar gemaakt.

    Like

  6. Rob Alberts zegt:

    Een treurig verhaal!
    Toch heb jij het warm en indrukwekkend beschreven.

    Vriendelijke groet,

    Like

  7. Prachtig geschreven. Met liefde en begrip voor de dame.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s