Katharina Wilhelmina Schweickhardt

 

Een brief die geschreven zou kunnen zijn….

De brief is verzegeld met haar signet. Een erfstuk van haar grootvader. Hij herkent de gestileerde ‘S’ die een duidelijke afdruk heeft achtergelaten in het schellak. Ze was er niet alleen aan gehecht maar het gegeven dat dit een oud en uniek zegel was uit háár familie, maakte het bijzonder. Zij had een eigen zegel en ze gebruikte dat alleen voor zeer speciale brieven.

Aan mijn man Willem Bilderdijk. Openen na mijn dood.

staat er onder het zegel geschreven. Hij verbreekt het en vouwt de brief open:

 

Lieve Willem,

 Het is, als ik dit vastleg, 15 december 1829. Ik heb getwijfeld of ik deze brief wel zou schrijven. Ik heb toch besloten om het te doen omdat ik niet weet hoe het mij zal vergaan. Nu kan ik het nog. Mijn verstand en lichaam laten het nog toe, maar ik weet dat over niet al te lange tijd, de dood op mij wacht. Bijna dagelijks voel ik mijn krachten afnemen.

Ik maak me ook zorgen om jou. Je hebt dan wel de leeftijd van de zeer sterken bereikt maar zo sterk ben je niet meer. Niet alleen je lichamelijk kracht vermindert maar ook bestaat het vermoeden dat jouw geestelijke kracht afneemt. Het wordt bijna dagelijks, door wat je doet of laat, versterkt.

 Je schrijft al geruime tijd niet veel meer. De bezoekjes van voormalige leerlingen, vakgenoten en notabelen zijn zeldzaam geworden. Goed dat er enkele vrienden over zijn die ons nog regelmatig bezoeken. We wonen hier nu twee jaar en jij doet niet veel meer dan af en toe wat schrijven, mij verzorgen, lezen in de Bijbel en de boeken van Jacob Cats.

Je bent somber geworden. Je teruggetrokken in je eigen wereld. Geloof mij als ik zeg dat ik het begrijp. Ons leven was niet gemakkelijk. De valse start is misschien wel de opmaat geweest van hoe ons gezamenlijke bestaan is verlopen. Lang heb ik geloofd dat al het onrecht ons aangedaan, al de gestorven kinderen, het eeuwige geldtekort en al de gemiste kansen hun oorsprong vonden in die valse start.

We hebben elkaar getrouwd met een onwettig huwelijk. Ik had naar mijn zuivere geweten moeten luisteren toen ik je leerde kennen maar de overrompelende en intense liefde die wij voor elkaar voelden, overstemde dat. Dat we Julius Willem in dat verre Berlijn hebben laten dopen onder onze valse namen is iets waar ik nu nog versteld van sta ‘meneer van Teisterbant!’  Het was niet fraai en zeker niet naar de wil van God. Samen wisten we zeker, dat God ons heeft gestraft voor ons handelen. We zijn zwaar gestraft en het enige wat ons, soms zelfs letterlijk, op de been hield was de Bijbeltekst dat God een mens nooit zo zwaar beproefd dat hij het niet meer kan dragen. We noemden dat ‘genade’ en die ‘onverdiende genade’  hadden we te danken aan de kruisdood van Jezus.

 

Mijn lief, ik geloof dat niet meer. Je weet dat ik drie jaar geleden, tijdens mijn zware ziekte, anders over geloven ben gaan nadenken en dat was niet mijn eigen verdienste. Het is mij aangereikt maar ik heb wat schroom om het een openbaring te noemen. Er zal vast gezegd zijn dat iemand, die zo dicht bij de dood is geweest, geestelijk een tik heeft gekregen. Een enkeling zal erkennen dat het een openbaring is geweest.

De goede God straft de mens en mensheid niet. Ook ons niet. Wat wij hebben ervaren als straf heeft andere oorzaken. Jij kan niet met geld kan omgaan en ik had daar geen zeggenschap over. Dat verklaart veel van de financiële zorgen. De gemiste kansen op interessante, invloedrijke en goede aanstellingen zijn te wijten aan jouw vermogen om op foute momenten lompe opmerkingen te plaatsen. Veel kennis is geen garantie voor goede omgangsvormen. Je bent niet altijd een prettig mens om mee om te gaan of mee te leven. Jouw halsstarrig vasthouden aan ‘God Nederland en Oranje’ heeft zich ook vaak tegen je gekeerd.

Zeg mij hoe het mogelijk is dat Jezus voor onze zonden gestorven is terwijl wij daar nog dagelijks onder gebukt gaan. Heeft Jezus het niet goed gedaan? Kijk om je heen! Mensen die een goddeloos leven leiden, gaat het vaak beter dan godvruchtige mensen. Wij krijgen ons loon na de dood. Wordt dat gezegd in de hoop dát het zo is of is het een verklaring die geboren is vanuit onze onwetendheid?

Ik weet nu dat God de mensen wil helpen om waarlijk mens te zijn. Ik heb sinds mijn openbaring gevoeld dat er ruimte om mij heen is. Ik kan adem halen en het verstikkende zondebesef, de krampachtige leefwijze in de ‘vreze des Heeren’ en nooit weten of je het wel goed doet, bestaat niet meer voor mij. Ik heb een liefde gevoeld die zo groot en zo onbaatzuchtig is dat zelfs onze liefde er bij in het niet valt. Onze liefde is een aardse liefde. Ik veroordeel die niet maar er spelen in aardse liefdes altijd andere belangen en verwachtingen mee. Bij ons was dat niet anders. Paulus schrijft over leven in raadselen en zien in een spiegel. Volgens hem is ons leven onvolkomen en later zullen wij volkomen kennen. Alle vragen worden dan beantwoord en het eerste wat ik ga vragen is waarom, op Lodewijk na, al onze kinderen zijn gestorven. God heeft het niet gedaan maar als iemand antwoord heeft op de vraag naar het waarom, is Hij het. Ik vind het jammer dat ik in onze gesprekken, je niet kon overtuigen van mijn geloof. Ook onze eigen predikant houdt vast aan dat, wat door de vaderen is geleerd en gaat gebukt onder het besef dat de mens slecht is en niet goed kán doen. Het is anders en ik gun je van ganser harte om ook bevrijd te worden van de last die jouw geloof je oplegt.

 

Ik ben je dankbaar voor alle goede zorgen. Het was, ondanks alles, fijn om met je ‘getrouwd’ te zijn. Mijn dood moet voor jou wrang zijn. Hij, die bijna zijn hele leven eigenlijk het liefste dood zou willen zijn, moet zijn 20 jaar jongere vrouw begraven. Misschien troost het je te weten dat ik niet bang ben voor de dood. Ik kijk er zelfs naar uit. Voel je om mij niet verdrietig. We zien elkaar weer maar hoe en in welk gedaante weet alleen de goede God.

 Groet onze zoon Lodewijk en zeg hem dat ik zielsveel van hem houd.

 Dag mijn lieve man.

Een laatste groet van jouw Katharina

 

Hij laat de brief zakken. Tijdens het lezen wisselden de emoties en gevoelens zich af. Hij voelde zich aangevallen en boos, glimlachte toen ze hem ‘meneer Teisterbant’ noemde en bespeurde zelfs jaloezie toen hij het gedeelte over haar nieuwe geloof las. Nu voelt hij alleen maar verdriet en gemis. Ze had gelijk. Zielsveel hielden ze van elkaar en gelukkig had hij haar nog laten weten dat het hem niet goed was gegaan, als zij er niet was geweest. In de laatste gesprekken die ze samen hadden, voelde hij dat ze hem ontsteeg. Het was alsof zij al op weg was en misschien was het geen toeval dat zij op paaszondag in zijn armen stierf. De Kerk viert de opstanding van Christus. Zij vierde haar eigen opstanding. Niet haar dood.

Hij pakt zijn Bijbel. Hij wil lezen met de ogen van zijn vrouw wat er staat over dat volkomen kennen. Hij is en blijft een wetenschapper die nu eenmaal alles wil weten.

 

©peter gortworst

foto: http://www.dbnl.org

…als je dit verhaaltje de moeite van het delen waard vindt, ga er dan maar van uit dat ik daar geen moeite mee heb…

 

 

Dit bericht werd geplaatst in eerder en getagged met , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

4 reacties op Katharina Wilhelmina Schweickhardt

  1. Bijzonder mooi, vond het jammer toen ik klaar was met lezen.

    Liked by 1 persoon

  2. Anoniem zegt:

    Prachtig geschreven. Ik geloof dat er veel mensen ongelukkig zijn geworden door geloven.

    Liked by 1 persoon

  3. annevellinga zegt:

    waar je de kennis vandaan haalt, en de inleving, heel knap, mooi, levensecht.

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s