Horloge

 

Het besluit om zijn oudere broer te bellen voelde als een overwinning. Het contact dat er al vele jaren niet is, moest maar eens doorbroken worden. Eigenlijk is het van de gekke dat een antiek zakhorloge de oorzaak van zo veel ellende kan zijn. Volgens Anneke, zijn vrouw, gaat het natuurlijk niet om dat horloge. Dat is alleen maar het tastbare deel. Het gaat om verbroken beloften, wantrouwen, zich iets toe-eigenen wat niet van jou is en meer van dat soort negatief gedoe waarbij op eigen houtje bepalen van hoe het is, misschien wel tot de gluiperigste gerekend moet worden.

Theo, zijn oudere broer, had geen boodschap aan de wens van zijn vader dat hij het horloge zou erven. Hij was de oudste en dit familiestuk behoorde hem toe. Zo was het al een paar generaties gegaan en zo moest het blijven: de oudste zoon erft het horloge en geeft dit weer door aan zijn oudste zoon. De wens van hun vader om het anders te doen, kon natuurlijk niet serieus genomen worden. Wellicht was de geestelijke aftakeling daar de oorzaak van. Hoewel zijn vader, al veel eerder, bij zijn volle verstand hen beiden duidelijk had gemaakt dat het zijn wens was om het horloge aan Martijn na te laten, was het de dag na de begrafenis verdwenen.

Toen de verkoop van het ouderlijke huis en alles wat er na een begrafenis gedaan moet worden, geregeld was, heeft Martijn aan Theo gevraagd hem het horloge te geven. Eerst ontkende Theo het in bezit te hebben maar na enig doorvragen kwam de aap uit de mouw. Hij had het en het behoorde volgens de traditie hem toe. Van weggeven was geen sprake.

Erfenissen kunnen vaak een bron van ellende zijn en in dit geval was het niet anders. Er vielen harde woorden en verwijten met als resultaat dat ze elkaar al vele jaren doodzwegen.
Is het de verstandigste willen zijn? Zijn het de kerstgedachten die opspelen? Is het een besef van de idiotie die materiële zaken laat prevaleren boven waar het echt om gaat? Martijn weet het niet precies als hij zijn broer belt en hem uitnodigt om op tweede kerstdag langs te komen.

Theo is verrast en zelfs zo, dat hij niet direct ja of nee kan zeggen. De volgende dag belt hij terug. Hij wil wel komen maar op één voorwaarde: over dat horloge wordt niet gesproken.

Natuurlijk hebben Martijn en Anneke de komst van die onbekende oom met hun kinderen besproken. De naam was wel eens gevallen en het verhaal van het horloge was wel eens vertelt maar gezien hadden ze deze oom met zijn vrouw, tante Marijke, nog nooit. Anneke kent haar puberzoon Justin als geen ander en juist daarom heeft ze hem op het hart gedrukt met geen woord over het horloge te praten.
‘Ik weet dat oom Theo helemaal fout zat maar houdt, omwille van de lieve vrede je mond,’ zei ze en Justin heeft dat met de hand op zijn hart belooft. Het woord horloge zou niet vallen.

De verwelkoming is geforceerd vrolijk. Ook als men plaats neemt in de huiskamer. Dat kan niet anders als een heet hangijzer onbesproken moet blijven. Men vervalt in algemeenheden en veilige onderwerpen. Zo meent Theo dat hun verhuizen naar Venlo een mededeling is die niet veel kwaad kan.
‘Venlo?’ vraagt Julius, ‘Dat ligt toch onder Arcen, aan de Maas?’
‘Ja,’ zegt Theo, ‘Ben je daar bekend?’
‘Nee, maar ik weet dat ze daar klokken gieten.’

Anneke verslikt zich bijna in haar appeltaart. De rode blosjes op haar wangen worden gelukkig niet veel roder dan ze al waren en die ze kreeg toen Theo het waagde op te merken dat Martijn het maar getroffen heeft met zo’n vrouwtje die heerlijk haar weg weet in de keuken. Theo heeft niets door. Met veel dikdoenerij vertelt hij hoe goed het hem gaat, hoe groot zijn nieuwe huis wel niet is en hoe goed zijn kinderen het doen.

‘Studeer jij ook?’ vraagt hij aan Justin.
‘Ja, in Utrecht.’
‘En heb je daar een kamer?’
‘Nee hoor. Ik ga elke dag op en neer. Zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens en dat heen en weer gaan is maar een uur werk.’
Zogenaamd verschrikt slaat hij de hand voor de mond.
‘Ik bedoel uur, spatie, werk.’
Theo kijkt hem strak aan en Justin speelt de vermoorde onschuld.
‘Of ik alsnog op kamers ga, weet ik niet. Dat zal de tijd moeten leren. Zolang ik nog op een christelijke tijd van huis kan en weer thuis kom, is er geen noodzaak. Maar wie weet? Als de tijd rijp is, is er nog genoeg tijd om de zaken anders aan te pakken. Het lijkt mij wel mooi om een beetje in het centrum van Utrecht te wonen. Wakker worden met de klokken van de Dom en meteen weten hoe laat het is of beiaardconcerten vanuit je kamer kunnen beluisteren….. Tja, dat lijkt mij wel wat.’

De sfeer is drastisch gewijzigd. Theo lijkt boos en is minder spraakzaam geworden. Marijke, die tot nu toe niet veel heeft gezegd, vraagt zachtjes aan Theo wat er is. Justin hoort dat en kan het niet laten:
‘Ach kom, tante Marijke, doet nou niet alsof u wel de klok hebt horen luiden en niet weten waar de klepel hangt. Er zijn hier oude wonden en deze worden blijkbaar niet door de tijd geheeld. De klok terugdraaien gaat niet en of het in de toekomst goed gaat worden zal diezelfde tijd ons leren.’

Oom Theo gaat staan.
‘Kom vrouw,’ zegt hij, ‘We gaan.’
Zonder hand te geven, zonder dag te zeggen en met een blik die op donderen staat, vertrekt oom Theo. Tante Marijke weet niet wat te doen. Een beetje onbeholpen en verwart staat ze bij de deur. Dan geeft ze hen wel een hand en mompelt iets van een tot ziens.
Als Anneke en Martijn de kamer inlopen zit daar Justin met een brede grijns op zijn gezicht.
‘Zeg niet dat ik mijn huiswerk niet heb gedaan,’ deelt hij hen monter mee.

Bij de eerste postbestelling in het nieuwe jaar zit een klein pakje. Het bevat het antieke horloge en een briefje wat geschreven is door Marijke. Ze schrijft dat het horloge al jaren op zolder ligt en Theo er nooit naar heeft omgekeken. De waarde van dit uurwerk ligt voor hem niet familiebezit of emotionele waarde maar in de heb. Bovendien vreest zij dat, wegens de reeds lang verstoorde relatie tussen Theo en hun oudste zoon, dit instrument wellicht in verkeerde handen zal vallen. Ze hoopt dat Justin in de toekomst die diepere waarden kan erkennen. Dan wenst ze hen het allerbeste en ze sluit af met een p.s: ‘Ik mag Justin wel. Hij is moedig en eerlijk. Dikke knuffel.’

 

 

© peter gortworst / dec. 2018
afbeelding: Vladimir Kush / Dali
                      schilderen van Nell Maessen

 

Dit bericht werd geplaatst in korte verhalen en getagged met , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

4 reacties op Horloge

  1. Mies Huibers zegt:

    En zo kwam het dan toch goed. Nou ja, gedeeltelijk dan. Mooi verhaal op de valreep. Dat er in het nieuwe jaar nog maar velen mogen volgen.

    Liked by 1 persoon

  2. Wat mooi dat het toch min of meer goed kwam aan het eind. In ieder geval werd er “recht gedaan”.

    Like

  3. Tja, familieruzies. Meestal gaan ze inderdaad helemaal niet om benoemde zaken, zoals dat horloge. Jammer dat de echte reden ook vaak niet benoemd wordt. Mooi verhaal.

    Liked by 1 persoon

  4. Ellie Schmitz zegt:

    Mooi verhaal. Erfenis, geld en erfstukken, bijna nooit kan het zonder slag of stoot worden geregeld.

    Like

Laat een reactie achter op Mies Huibers Reactie annuleren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s